Auto theorie examen oefenen

Oefen hier gratis de theorie voor je autorijbewijs

Theorie
Moet je voorrang verlenen aan de auto die van links nadert?
Ja
Ja, alle bestuurders op die voorrangsrotonde hebben voorrang. Ook de auto die van links nadert dus. Hij zit immers al op de voorrangsweg, en wij naderen. Nader een rotonde altijd met gepaste snelheid. Doe niet mee aan het spelletje: wie zit er het eerst op de rotonde?! Snelheid aanpassen aan de omstandigheden.
Theorie
Moet je hier de motorrijder voor laten gaan?
Ja
Ja, op een gelijkwaardig kruispunt, zoals deze, moet je alle bestuurders die van rechts komen ongehinderd hun weg laten vervolgen. Er staan geen borden of tekens. Het wegdek is voor alle twee verhard. Het gaat dus om een gelijke kruising! De motorrijder moet voorrang krijgen!
Theorie
Moet je hier de fietser voor laten gaan?
Ja
Nee, op een gelijkwaardig kruispunt moet je bestuurders van rechts voor laten gaan! De fietser komt hier van links. Het maakt niet uit of je nu links rechts of rechtdoor gaat. De fietser moet jou voor laten gaan.
Theorie
Moet je de auto van links voor laten gaan?
Ja
Nee, je moet alleen stoppen voor bestuurders van rechts. De andere auto moet stoppen voor ons, omdat wij van rechts komen. Kijk goed naar links en rechts, omdat je er nooit helemaal zeker van bent of ze die voorrang ook geven.
Theorie
Je komt van een onverharde weg. Moet je het meisje met paard voor laten gaan?
Ja
Ja, verhard gaat voor onverhard. Het meisje met paard is een bestuurder. Het is een geleider van rij- en trekdieren of vee. Als je van een onverharde weg komt moet je bestuurders op de kruisende verharde weg voor laten gaan. Als ze zonder paard zou lopen dan is ze geen bestuurder meer en moet dan ook wachten. Verhard voor onverhard geldt alleen voor bestuurders onderling.
Theorie
Moet je de skeeler voor laten gaan?
Ja
Nee, jij bent de enige bestuurder op dit kruispunt. Bestuurders van rechts gaan voor. Een skeeler is een voetganger. Hij mag eigenlijk niet eens de rijbaan gebruiken. De witte blokken op het wegdek hebben niets met voorrang te maken! Blokken geven aan dat er een kruispunt is. Veel verf betekent veel gevaar!
Theorie
Wat is de correcte volgorde van voor laten gaan?
auto, tram, fiets
fiets, auto, tram
tram, auto, fiets
Een trammachinist is ook een bestuurder! Je hoort wel eens dat een tram altijd voor gaat, maar dat is alleen als er geen borden staan! Op een voorrangsweg gaan bestuurders voor. Rechtdoorgaand verkeer op dezelfde weg geldt niet voor afslaande trams! Anders zou de fietser voor de tram gaan.
Theorie
Moet je de man op skeelers voor laten gaan?
Ja
Nee, je moet op een kruispunt voorrang geven aan bestuurders. De man op skeelers is een voetganger. Je kunt het zo onthouden: Als een voetganger van links of rechts nadert, moet je hem voor laten gaan op of bij nadering van een VOP en je moet hem voor laten gaan bij een uitrit. In alle andere gevallen kun je zeggen: een voetganger van opzij, gas erbij!
Theorie
Je gaat linksaf moet je de voetganger voor laten gaan?
Ja
Nee, als je van een onverharde weg komt moet je bestuurders op de kruisende verharde weg voor laten gaan. De voetganger is geen bestuurder!
Bestuurders die een voorrangsweg naderen moeten altijd voorrang verlenen aan kruisende bestuurders. Dit geldt ook voor de bestuurder van de tram! Op een gelijkwaardig kruispunt heeft de trambestuurder altijd voorrang. In dit geval zullen de auto en de tram tegelijk over steken.